Gedachten

Die man bij de supermarkt, geld geven of niet…

bedelaar-1-37854
Written by Anna Teresa

Bij de ingang van onze supermarkt staat elke dag, de hele dag, een man. Van buitenlandse afkomst, normaal tot stevig postuur, niet al te groot, met een toch wel gezonde uitstraling. Hij staat er met de daklozenkrant in beide handen, tegen de onderbuik gedrukt. En iedereen die door de schuifdeur naar binnenloopt, krijgt een welgemeend ‘hallo’ terwijl hij oogcontact zoekt.
Ik zeg hem elke keer gedag, hoewel ik me daar soms toe moet zetten. Dan zou ik liever wegkijken. Zeker als ik met mijn boodschappentas vol weer naar buiten loop, kijk ik de andere kant op.
Waarom? Ik voel me bezwaard. Ik kan wel eten kopen, lekkere dingen waar we ook best zonder kunnen, luxe artikelen. Hij kennelijk niet.

Bedelaar-2

Soms wil ik hem vragen of hij kleding kan gebruiken. Een oude jas of trui van mijn man. Of iets voor zijn kinderen, als hij die heeft. Maar hoe zou hij dat opvatten? Als een belediging, omdat hij daar gewoon iets staat te verkopen?
Of zou hij het zeer op prijs stellen?

Ik kan natuurlijk ook gewoon een krantje kopen van hem. Ik hoef het niet eens te lezen als ik dat niet wil. Maar daarvoor vind ik hem dan misschien weer niet zielig genoeg. Ik zou misschien meer van hem willen weten. Waarom staat hij daar? Woont hij ergens in de buurt, slaapt hij echt op straat? Alsof hij zich moet verantwoorden aan mij voordat ik die paar euro in zijn opgehouden hand kan stoppen.

Maakt dat van mij een krent? Een kille vrouw die niet met haar medemens meeleeft? Nee. Voor de schoenendoos-actie van de kinderen op school (elke doos wordt gevuld met spulletjes en opgestuurd naar een kindje in een arm land) heb ik voor elke doos iets nieuws gekocht. En ik doneer geld aan verschillende doelen, koop stroopwafels aan de deur en breng nog goed te gebruiken spullen naar de kringloop. Ik zou wellicht meer kunnen doen, maar ik doe zeker niet niks.

Het zit hem dan wellicht toch in het feit dat ik niet weet hoe ik me moet gedragen bij die man bij de supermarkt. Als ik één keer geef, moet ik dan vaker geven? Is het schijnheilig om telkens vriendelijk hallo te zeggen en dan gauw weg te gaan met mijn tas vol lekkers?

Maar ik ben niet de enige die daar moeite mee heeft. Een reportage uit de krant De Morgen laat zien dat de forensen op Brussel-Centraal bedelaars niet in de ogen aankijken en dat het geweten daar geregeld opspeelt.

Uit reacties op een stelling van de KRO blijkt dat het goed is om te geven. Juist bijvoorbeeld door het kopen van de Straatkrant omdat je dan van dienst ruilt en niet zomaar geld geeft.

Het is dus wellicht een beetje zoeken nog en mijn gevoel volgen. Daarbij is de ene dakloze de andere niet. Zo zou ik eigenlijk nog wel eens dolgraag de verwaarloosde zigeunermoeders willen volgen die – met hun kleine smeerpoetsen met grote bambi ogen op schoot – hun bekertje hooghouden voor langslopende toeristen. Waar slapen zij? Zijn ze echt zo diep gezonken of is het slechts een schouwspel? En wat moest ik lachen om de stommiteit van een zwerver bij een Italiaans souvenirwinkeltje. Gebogen rug, hand opgehouden, vragen om wat kleingeld. En toen ik in rap Italiaans antwoordde dat ik geen kleingeld op zak had, merkte hij verontwaardigd op dat ik geen toerist was.

Ik zal die man bij de supermarkt binnenkort aanspreken en eens vragen naar zijn verhaal. Nu de donkere dagen van december er weer aankomen en we allemaal weer cocoonen in onze huizen, genietend van warme chocomelk en de deur niet uitgaan zonder warme jas en handschoenen, is het misschien wel eens tijd om die stap te zetten en nog eens na te denken over armoede en rijkdom en hoe we samen kunnen delen.

bedelaar-1-37854

 

About the author

Anna Teresa

Ervaren en gedreven journalist/tekstschrijver.
Creatief, proactief en persoonlijk.
Schrijven, communiceren, informeren.
Klein en integer of groots en meeslepend.

Leave a Comment